16 feb 2014

Hondse Logica deel 1: De aard van het beestje

0 Reacties

Waarom doet mijn hond zo?

Dat is een veelgestelde vraag bij hondeneigenaren. Honden kunnen niet praten. Daar zijn ze fysiek niet toe in staat. Dus is het aan ons om te begrijpen hoe de Hondse Logica in elkaar steekt. Met observeren, redeneren en combineren kunnen we daar een heel eind mee komen.

Een tijd terug schreef ik een blog over de Black Box Methode. Een methode die helemaal geen methode is, maar een model om te begrjipen waarom honden doen wat ze doen. Heel kort door de bocht kun je zeggen dat een hond een bepaald gedrag vertoont door:

  1. Prikkels van buitenaf en de context waarin die prikkels voorkomen
  2. Allerlei zaken die hem motiveren om dit gedrag te vertonen
  3. Ervaringen die hij heeft opgedaan en waarvan hij dus iets van heeft geleerd

In de serie blogs “Hondse Logica” ga ik wat dieper in op punt 2 en 3 uit het rijtje. Wat motiveert een hond nou om te doen wat hij doet?
Deze vraag is niet eenvoudig te beantwoorden. Hondengedrag wordt altijd veroorzaakt door een combinatie van factoren. Het is nooit alleen het één of alleen het ander. Maar dat maakt hondengedrag nou net zo interessant. Sterker nog, het is de reden waarom ik de opleiding tot Kynologisch Gedragstherapeut voor honden ben gaan volgen.

In de komende periode ga ik alle aspecten van de oorzaken van (honden)gedrag eens nader onder de loep leggen. Ik hoop dat lezers, voor wie deze materie nog geen gesneden koek is, na alle 8 delen van de serie iets meer inzicht hebben gekregen in het gedrag van hun hond.

Vandaag deel 1: Het is de aard van het beestje!

Honden zijn net auto’s

blauwe raceauto stockEen hond is niet zomaar een hond. Ze zijn er in veel verschillende versies. Het zijn net auto’s. Elk merk/model heeft zijn eigen specifieke eigenschappen. Je kunt in alle auto’s rijden, maar de wegligging van een Fiat Panda is toch net even anders dan die van, laten we zeggen, een Jaguar. De Jag gaat zonder een centje pijn met 60 km per uur over een verkeersdrempel heen, terwijl als je dat in de Panda probeert, je meteen door kunt rijden naar de EHBO om je hoofd te laten hechten.

Rasgebonden Eigenschappen
De verschillende rashonden die we tegenwoordig hebben, hebben ook  allemaal specifieke erfelijk bepaalde eigenschappen. De zng. Rasgebonden eigenschappen.  Die zijn er door de fokkers in de loop der jaren ingefokt. In de eerste instantie om met deze honden specifiek werk te doen.
Maar er zijn steeds minder honden die nog echt aan het werk zijn. De meeste zijn gewoon huishond. Alleen weten de honden dat zelf niet. Ze blijven toch steeds proberen om te doen waar ze voor gemaakt zijn. Dat gaat helemaal vanzelf…
De FCI heeft alle rashonden ingedeeld in verschillende rasgroepen. En elke rasgroep heeft weer een bepaald type ‘baan’.

1 konijn, 4 honden…….

konijn Stel je dit eens voor: Een groepje mensen wandelt samen met hun honden in een losloopgebied. De honden kennen elkaar en gedragen zich sociaal naar mensen en andere honden.

Er loopt een Whippet mee, een Beagle, een Berner Sennenhond, en een Labrador.

Dan steekt er opeens een konijn het pad over: DE PRIKKEL

1 konijn en 4 honden, elk uit een totaal andere rasgroep. Wat gaat er nu gebeuren? Het konijn rent weg en blijft rennen. Het konijn triggert bij elk van de 4 honden een ander gedrag. Omdat hun genen dat zo hebben geprogrammeerd:

  • De Whippet (rasgroep 10, Windhonden) is een hond die jaagt op het zicht.  Hij houdt het konijn in de smiezen en rent net zolang achter het konijn aan tot hij hem niet meer ziet
  • De Beagle (rasgroep 6, Lopende honden, en Zweethonden) rent ook achter het konijn aan, maar deze is sneller dan hij. Geen probleem;  Deze hond volgt zijn neus in plaats van zijn ogen. Hij zet zijn reukorgaan aan de grond en zal het konijnenspoor luid blaffend blijven volgen tot… tja. tot wanneer. Tot hij geen geur meer heeft of tot zijn baasje hem bij zich roept. Dit laatste vergt enige training natuurlijk 🙂
  • De Berner Sennenhond (rasgroep 2 Pinschers, Schnauzers, Molossers en Sennenhonden)  kijkt om zich heen, ziet z’n maatjes wegvliegen en kijkt z’n baasje aan. En gaat weer verder waar hij mee bezig was. Lekker snuffelen in het bos. Want een Sennenhond is geen jager, het is een veedrijver en bewaker.
  • De Labrador (rasgroep 8, Waterhonden, Spaniëls en Retrievers) zal het konijn wel volgen, maar geeft het op zodra het konijn is verdwenen in een hol. Als het konijn zich in paniek te pletter zou lopen tegen boom en ter plekke zou gaan hemelen, dan is de kans heel groot dat het Labrador het dode konijn oppakt en meebrengt naar de baas.

Dit zijn natuurlijk wat zwart-wit voorbeelden maar de strekking van het verhaal is duidelijk. De erfelijk bepaalde eigenschappen (genenpool) zorgen ook voor erfelijk bepaald gedrag. Door in de opvoeding en training rekening te houden met deze rasgebonden erfelijke factoren, wordt het trainen leuker en relaxter én effectiever voor hond én baas.

De Labrador wordt niet gehoorzaam en apporterend geboren, maar is hier gezien zijn genenpool, wel goed voor te trainen. Dat zal met de Whippet nog een hele klus worden. En het Hierkomen trainen bij een Beagle is ook goed mogelijk, maar zal wat meer tijd in beslag nemen.

De juiste baas voor de juiste hond

Zint eer ge begint
Op zich is het allemaal helemaal geen probleem, die speciale rasgebonden eigenschappen van die honden. Het wordt alleen lastig als je niet weet wat je in huis hebt!.
Als je een Border Collie in huis haalt omdat je het zo’n mooie hond vindt, en dat ene blauw oog zo mooi bij de gordijnen past, maar je niet weet wat de ‘baan’ van een Border Collie is, dan kan het wel eens vervelend worden. Voor de nieuwe eigenaar van de Border Collie, maar zeker ook voor de hond zelf.
Die kan zijn ei niet kwijt en die werklust zal op een andere manier zijn uitweg vinden. De hond kan zich ontwikkelen tot een overactieve, nerveuze hond, die zeker niet goed in zijn vel zit. De hond gaat in de ogen van de eigenaar probleemgedrag vertonen, terwijl er met de hond helemaal niets mis is. Er is hier sprake van een mis-match.

Heb je een kruising van twee rassen in huis, dan zal de hond eigenschappen hebben van beide rassen, De vraag is dan, welke van de twee de boventoon voert.

Voutje

duim omlaag stockTot nu toe heb ik het alleen gehad over de rasgebonden genetische eigenschappen die te maken hebben met het normale hondengedrag van een bepaald ras. Het wordt anders als er in die genenpool iets zodanig verandert (muteert) waardoor het normale hondengedrag verandert in abnormaal gedrag. Dat kan op twee manieren;

Op lichamelijk gebied
Sommige lichamelijke aandoeningen zijn erfelijk overdraagbaar. Denk daarbij aan bijvoorbeeld heupdysplasie (HD) of de oogafwijking Cataract . Het spreekt voor zich dat lichamelijke ongemakken een rol spelen bij het gedrag van een hond. Maar daarover in een latere blog meer.

Op gedragsgebied
Ook kunnen gedragsafwijkingen als b.v. overmatige angst of overmatige agressie erfelijk bepaald zijn. Een bekend voorbeeld is de abnormale agressie bij éénkleurige Cocker Spaniëls. (Het Rode-Cockersyndroom). Deze genetische afwijking komt echter maar zelden voor. Er loopt op het moment ook al jaren een onderzoek aan de Universiteit van Utrecht naar de mogelijke erfelijke oorzaken bij de onvoorspelbare uitbarstingen van agressie bij Golden Retrievers.
Het is vaak moeilijk vast te stellen of een bepaald probleemgedrag bij een individuele hond wordt veroorzaakt door een ‘foutje’ in de genen. Wanneer (één van) de ouders of (één of meerdere) nestgenoten het gedrag ook vertonen kan hooguit vermoed worden dat het probleem erfelijk overdraagbaar is.

Binnenkort  in de serie artikelen Hondse Logica:
Deel 2: Lichamelijke ongemakken & de Hondenpuberteit
Deel 3: Een slechte start
Deel 4: Een trauma zit in een klein hoekje
Deel 5: De hond en zijn baasje
Deel 6: In het verleden behaalde resultaten bieden zeker wel garantie voor de toekomst
Deel 7: Ik kan niet zonder je
Deel 8: En niet te vergeten….

Wil je niks missen van deze serie? Schrijf je dan in als abonnee van de blogs van Dogadvice. Dan kan in de linkerkolom van deze pagina. Je krijgt dan een seintje in je mailbox als er weer een nieuw artikel is.

Meer lezen

Informatie over rashonden en rasgroepen – Bron: Raad van Beheer
‘Erfelijke aandoeningen bij de hond’
– Bron: Het LICG
Handleiding Black Box Methode – Peter Beekman

[begin]
Over de schrijver


Ik ben een ondernemend hondenmens, met een speciale passie voor hondengedrag en neuswerk. Dat heeft geleid tot Dogadvice Praktijkspeuren en Kynologisch advies. Ik beleef erg veel plezier aan het geven van speur- en andere neuswerklessen. Competitie in hondenactiviteiten vind ik niet belangrijk, activiteiten/hulp passend bij de 'aard van het beestje' des te meer. Mijn missie is om honden en hun mensen samen te brengen, zodat ze als een goed op elkaar ingespeeld team door het leven kunnen. De weg naar het doel toe is belangrijker dan het doel zelf. Snappen jullie het nog? That's me.

Reageer!

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.